MENSEN

Erik Mattijssen – ‘De menselijke aanwezigheid is voelbaar’  

Beeldend kunstenaar Erik Mattijssen (64) won de NN Art Award 2021. Hoewel hij graag in het buitenland verblijft, is het atelier in de Sint Annenstraat, waar hij sinds 1983 werkt, zijn thuishaven. 

De stillevens en interieurs in gouacheverf en pastelkrijt van Mattijssen zijn uitbundig van kleur. Zijn werk ademt hoop en optimisme en stemt deels vrolijk, maar leidt ook tot melancholie.

Er valt in zijn werk veel te zien en te ontdekken. Geen tragische taferelen, maar alledaagse dingen die iedereen herkent zoals levensmiddelen, vazen, meubels, conservenblikken en emmers.

Tijdens een verblijf in Berlijn, vorig jaar, maakte hij een serie over speelgoed uit zijn jongensjaren in vrolijke kleuren. Werk dat bij velen herinneringen oproept.

Verhaal
Mattijssen werkt alleen op papier. Nooit op doek. ‘Ik gebruik potlood, waar ik denk dat potlood het meest geschikt is. En pastelkrijt, waar kleuren zacht en fluwelig moeten zijn en gouache, voor een meer stralend, sterker palet.’

Van jongs af aan maakte hij plakboeken vol met uitgeknipte plaatjes van stofzuigers, poppen en ander speelgoed. Vaak put hij uit dat oude beeldmateriaal en combineert dat met nieuwe indrukken.

In zijn werk komen vrijwel geen mensen voor, maar hun aanwezigheid is voelbaar.

‘Het gaat mij om wat er achterblijft nadat iets gebeurd is, nadat mensen de kamer hebben verlaten. Sporen van het leven. Er is altijd wel een verlangen geweest naar meer abstracte representaties, minder anekdotisch, maar uiteindelijk heb ik het verhaal nodig’, vertelt hij. Zijn werk hangt bij tal van musea en particuliere verzamelaars in binnen- en buitenland en is onder andere ook te zien bij het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis en in wachtruimtes van uitvaartonderneming DELA. ‘Ik krijg er veel reactie op. Men reflecteert makkelijker met mijn werk op herinneringen die in het eigen leven plaatsvonden. Op dingen die te maken hebben met de dierbare in positieve zin. Ik krijg berichtjes van mensen die laten weten dat ze opgetild werden door mijn werk, en er iets aan beleven.’

Prijs
Vorig jaar exposeerde Mattijssen in Alkmaar, museum Het Valkhof in Nijmegen en de Kunsthal Rotterdam. Hij ontving toen ook de NN Art Award 2021, een stimuleringsprijs die uitgereikt wordt in het kader van Art Rotterdam. De jury was onder de indruk van de kwaliteit van zijn werken en roemde de minutieuze aandacht voor detail, omdat ‘je blijft ontdekken’.

Mattijssen: ‘Ik ging ervan uit dat die prijs naar jong, aanstormend talent zou gaan en was echt verrast. Heel leuk dat ik als ouder wordende, zich verder ontwikkelende kunstenaar deze waardering krijg.

Wat lang speelt als je werk maakt, is: lijkt het niet teveel op die of die? Naarmate ik ouder word, merk ik dat het echt van mij is. Dat geeft rust en vertrouwen, waardoor je echt kunt doen wat je wilt. Hoewel ik altijd hard werkte en veel tentoongesteld heb, hoorde ik nooit helemaal bij de zogenaamde kunstcanon, maar daar is de laatste jaren verandering in gekomen en dat is fijn. Volgende week komt er bezoek van een museumdirecteur uit Amiens, in verband met een expositie daar. Het gaat echt heel goed’, zegt hij met een bijna verontschuldigende lach.

Rietveld Academie
Tot voor kort gaf Mattijssen les aan de Rietveld Academie, waar hij zelf in 1979 aangenomen werd. ‘Eerst richting grafisch ontwerp, later kwam de beeldende kunst. Maar het vooruitzicht van een eenzaam atelier trok me niet. Eind jaren ’80 kon ik als docent invallen op de Rietveld en ben er gebleven als docent beeldende kunst en mentor in het basisjaar. De wisselwerking met studenten bleek een perfecte combinatie met werken in m’n atelier. Ik ontwikkel graag iets met studenten, ben niet zozeer zwaar kritisch, maar liever aanmoedigend om hen te laten ontdekken waar ze willen zijn. Dat kan soms via rare onverwachte omwegen gaan. Je kunt alleen maar doen, wat jij wilt.’ Jij bent de baas, hield hij zijn studenten voor.

Nu hij steeds meer te doen krijg in zijn atelier, is hij anderhalf jaar geleden na ruim dertig jaar bij de Rietveld gestopt. Met pijn in het hart. ‘Heel veel heb ik van mijn studenten geleerd en gekregen. Het was een levensbron.’

Thuishaven
Mattijssen werkte ondermeer in Spanje, India, Parijs, Berlijn en is regelmatig in Ierland. Maar zijn atelier in de Sint Annenstraat is zijn thuishaven, waar hij zijn in het buitenland opgedane ervaringen en beelden ‘uitpakt’ en vaak tot vroeg in de morgen bezig is.

‘In het buitenland maak ik veel, maar hier gebeurt het vooral. De invloed van India, bijvoorbeeld, was enorm. De kleuren overrompelden me. Ter plekke heb ik daar destijds niet zoveel mee kunnen doen. Terug in Amsterdam kwam het tot uiting en ben ik er lang op doorgegaan. Het is echt een avontuur je te verdiepen in de werking van kleur!’

In 1983 betrok Mattijssen zijn atelier in een voormalige ijzerwarenmachinefabriek in het gekraakte Blaauwlakenblok. ‘In de grote fabrieksruimte waren muurtjes gebouwd en ontstonden ateliers. Allemaal heel primitief, maar het was een bruisende kraakgemeenschap. Na de renovatie, waarbij we vier jaar een vervangend atelier kregen, mocht ik in 2012 opschuiven naar mijn huidige grotere ruimte.’

Aan de wanden hangt groot werk waar hij nu druk mee is. Het is bestemd voor vier wanden in het nieuwe ziekenhuis in Meppel dat eind maart wordt geopend.

W139
Het atelier komt uit op de fraaie binnentuin van de Zwartlakensteeg.

‘Van Krasnapolksy tot hier aan de Sint Annenstraat was alles gekraakt en werd het gebied een prachtig cultureel hart. Dat is het nog steeds. ’s Zomers weet je niet wat je ziet aan bloemen en vogels. Het is een dorpje met allemaal leuke mensen die er iets van maken. Als het destijds niet door krakers bezet was, waren er vast totaal andere ondernemingen gekomen. Helemaal rechts aan de achterzijde van de Warmoesstraat zit W139’, wijst hij.

Dat werd in 1979 opgericht door een groep jonge kunstenaars, als alternatief voor het in hun ogen eenvormige aanbod van musea en commerciële galeries. Vorig jaar dreigde er sluiting toen het Amsterdamse Fonds voor de Kunst de subsidieaanvraag afwees.

Stadsdeel Centrum redde W139 met een subsidie, omdat deze als productie- en presentatieruimte voor hedendaagse kunst een tegenhanger vormt tegen de toeristische monocultuur.

Mattijssen is er blij om en was ook verheugd toen hij burgemeester Femke Halsema in een marathoninterview voor de VPRO-radio hoorde. Hij pakt het audiofragment er even bij. De stem van Halsema weerklinkt: ‘De binnenstad is de afgelopen jaren vooral een economische zone geworden, terwijl het een cultureel gebied is. Ik denk dat we dat terug moeten gaan brengen. Dat vind ik belangrijk. Als ik mag fantaseren over de toekomst van de Wallen dan is het niet zo dat wat het nu kenmerkt helemaal verdwenen is. Maar hoop ik ook dat er veel ateliers zijn en werkplaatsen en kleine bedrijven …’

Dat is precies wat wij hier tot stand hebben gebracht met W139 als kern’, zegt hij. Het zou geweldig zijn als het culturele aanbod bestendigd en uitgebreid wordt met ateliers en kleinschalige cultureel gerichte ondernemingen.

Mattijssen huurt zijn atelier van De Key. Hij hoopt er tot het einde van zijn leven te kunnen blijven.

‘Als kunstenaar is er tenminste één kwestie waarover je je geen zorgen hoeft te maken; wat je zult doen als je oud wordt. Ik ben er zeker van dat ik nooit zal stoppen met tekenen en schilderen.’

Zijn werk is te bekijken op www.erikmattijssen.nl

TEKST: EVELINE VAN DIJCK
FOTO: RUTH VAN BEEK

Meer nieuws

ONTWIKKELINGEN De buurtschouwen gaan toch door 
MENSEN Meet The Strangers 

Meet The Strangers