ONTWIKKELINGEN

Struikelen over de geschiedenis   

Op 14 oktober is er bij Bethaniëndwarsstraat 15 een struikelsteen geplaatst ter nagedachtenis aan Hartog Wegloop, die vanuit dit huis is gedeporteerd. De huidige bewoner, Arthur Veen, herdacht Wegloop, maar ook andere Joodse oud-bewoners van het pand die de oorlog niet overleefden. 

In de ochtenduren kwamen buurtbewoners bij elkaar om getuige te zijn van de plaatsing van de struikelsteen. Per toeval ontdekte nabestaande Loek Wagenhuis slechts enkele dagen voor de plaatsing van de struikelsteen dat ook zijn familie op dit adres heeft gewoond. Het was een emotioneel moment om samen met de buurtgenoten zijn omgekomen familieleden te herinneren.

Hartog Wegloop
Wat weten we over Hartog Wegloop? Veen vertelt: ‘Hij werd in 1908 geboren, als zoon van Mozes Wegloop en Esther van Stratum. Zij kregen acht kinderen, waarvan er twee al als baby overleden. Van de overige zes heeft slechts een dochter de oorlog overleefd. Alle anderen zijn in de oorlog vermoord.’
Het levensverhaal van Hartog stemt nogal treurig. Zijn naam is terug te vinden in het register van het Observatiehuis voor Jongens. Hij was toen veertien jaar en als beroep staat er Fietsjongen. Hij komt vervolgens op een Rijkstuchtschool terecht.
Als hij negentien is meldt hij zich voor de dienstplicht, wordt goedgekeurd en naar de School voor Luchtdoelartillerie gestuurd. Daar wordt hij al na een week ontslagen wegens lichamelijke gebreken. Veen: ‘Weer later komt hij nog voor in een politiedossier. De controleur van het Marktwezen had hem gearresteerd omdat hij zonder ventvergunning een draaiorgel bediende. Hij was kortom een arme sloeber die op allerlei manieren probeerde aan de kost te komen, zoals zo veel Joden uit deze buurt in die tijd. Hij trouwde in 1936 met de niet-Joodse Alida Meijer. Dat huwelijk heeft waarschijnlijk geen stand gehouden, want toen Hartog in 1943 hier werd opgepakt, woonde hij alleen. Hij werd op 28 februari 1943 in Auschwitz vermoord.’

Behalve de struikelsteen voor Hartog is er ook een gedenkplaat. Hierop staan de namen van oud-bewoners van het adres, maar zij werden uiteindelijk vanaf een ander adres gedeporteerd. Omdat ze niet vanuit dit pand zijn gedeporteerd kunnen zij hier geen struikelsteen krijgen, maar hun verhalen zijn onlosmakelijk met Bethaniëndwarsstraat 15 verbonden.
Veen: ‘Tot augustus 1941 woonde hier ook het gezin Wagenhuis. De vader, Isaac, werkte als kruier en koopman in vodden. Op 29-jarige leeftijd trouwde hij met Maria Augurk en ging hij in de Vrolikstraat wonen. Ze verhuisden veel. Via de Recht Boomssloot, de Hoogte Kadijk, de Kerkstraat en de Govert Flinckstraat kwamen zij in 1927 op de Bethaniëndwarsstraat te wonen.’

Rosa, Sara en Catherina
‘Zij hadden drie dochters: Rosa, Sara en Catherina. Rosa en Catherina bleven ongetrouwd en woonden bij hun ouders. Zij werkten beiden als naaister. De middelste, Sara, trouwde in 1936 met Samson de Vries. Zij kregen in 1937 een zoon Isaac. Ook dit jonge gezin verhuisde vaak. Ze woonden in de Bethaniënstraat op de nummers 15, 11 en 5. Daarna in de St. Antoniesbreestraat en de Nieuwe Kerkstraat, voordat ze weer hier introkken op de tweede verdieping. In 1941 verhuisden ze naar de Korte Koningsstraat.

Isaac, het hoofd van het gezin, meldde zich in november 1942 in Westerbork, voor de Arbeitseinsatz. Hij dacht dat hij in een fabriek tewerk zou worden gesteld en zo een kans maakte om de oorlog te overleven. Hij werd echter drie dagen later al op een transport naar Auschwitz gezet waar hij op 13 november 1942 werd vermoord.
Enkele maanden later werd zijn vrouw Maria opgeroepen om zich te melden in Westerbork. Een week later werd ook zij op transport gesteld, naar het vernietigingskamp Sobibor in Polen, waar zij op 26 maart 1943 direct na aankomst in de gaskamer werd vermoord.

Drie weken later werd ook het jonge gezin De Vries – vader Samson, moeder Sara en de 5-jarige Isaac – opgepakt en afgevoerd naar het concentratiekamp Vught. Samson werd tewerkgesteld in het buitenkamp Moerdijk. Zijn vrouw Sara en hun zoontje Isaac woonden in de kinderbarak in Vught. De SS-ers vonden die kinderen maar lastig. De bedoeling was dat de volwassenen werkten, en daar kwam met al die kinderen weinig van terecht. Daarom besloten ze om in juni 1943 alle kinderen af te voeren. De 1300 kinderen werden met het beruchte kindertransport via Westerbork naar Sobibor afgevoerd, waar ze direct werden vermoord. Ook de moeders en begeleiders werden vergast. Daar hoorden ook Rosa en Sara Wagenhuis bij.’
Hun jongste zus Catherina werd op 26 mei 1943 tijdens een de laatste grootschalige razzia in Amsterdam opgepakt. Ook zij werd via Westerbork naar Sobibor verscheept en daar vermoord.’

Veen: ‘Voor Hartog is er nu een struikelsteen, maar laten we ook de andere vermoorde Joodse bewoners niet vergeten.’

Het plaatsen van struikelstenen (Stolpersteine) is een project van de Duitse kunstenaar Gunter Demnig. Vanaf juni 2020 worden ze ook in Amsterdam vervaardigd bij het Goethe-Institut aan de Herengracht. De kosten voor één Stolperstein zijn momenteel 150 euro. Dit bedrag wordt in zijn geheel besteed aan de productie, logistiek, administratie en plaatsing van de Stolperstein.

Is ook uw huis getuige geweest van gedeporteerde bewoners, dan kunt u contact opnemen met Stichting Stolpersteine. E-mail: amsterdam@stichting-stolpersteine.nl. Zie voor meer informatie: www.stichting-stolpersteine.nl.

FOTO: RENÉ LOUMAN


De aanwezigen konden als blijk van respect een kiezel leggen bij de struikelsteen. Een groot deel ligt er nog steeds!

Meer nieuws

ONTWIKKELINGEN De buurtschouwen gaan toch door 
MENSEN Meet The Strangers 

Meet The Strangers